Zomerhuis

Ondergedoken
strijk ik je tegen de haren
Kierend zonlicht
knijpt fijn
die kraaienpootjes

In dit licht
nagel ik mij vast
aan het verse vlees
dat steeds rozer
wordt

En je opent als vanzelf je mond

© maart 2002 G.A. den Held

Kust    
Index